|
Hoofdstuk XIII - Het Panth-ische
(Sikh gemeenschaps-) leven
Artikel XXII - Facetten van het Sikh gemeenschapsleven
De essentiële
facetten van het 'Panth'ische leven zijn:
1. Goeroe
Panth
(De Goeroe status van de
Panth)
2. De ceremonie
van Goddelijke initiatie.
3. De voorschriften voor tuchtiging bij dwalingen
4. De voorschriften bij gemeenschappelijke
beslissingen
5. Het in beroep gaan tegen locale beslissingen
|
|
Artikel XXIII - De Goeroe status van de Panth
Het concept van dienstverlening is
niet beperkt tot het koelte toewaaien van de congregatie,
dienstverlening in de gemeenschappelijke
keuken-annex-eethuis, etc. Een Sikh zijn gehele leven is een
leven van liefdadige inspanning. De meest vruchtbare
dienstverlening is die dienstverlening die bij de minimale
inspanning het meeste (of optimale) 'goede' opleverd. Dit
kan worden bereikt door georganiseerde collectieve actie.
Een Sikh dient, voor deze reden, zijn 'Panth'ische
verplichtingen (verplichtingen als lid van de gemeenschap,
de Panth)
na te komen. Zelfs als hij/zij zijn/haar individuele
werkzaamheden uitvoerd. Deze gemeenschap is de
Panth.
Elke Sikh dient ook zijn verplichtingen te vervullen als
eenheid van de gemeenschap, de
Panth.
a. De Goeroe
Panth
(Goeroe status van de
Panth)
betekend de gehele verzameling van toegewijde gedoopte
Sikhs. Deze verzameling werd gekoesterd door alle tien de
Goeroes en de tiende Goeroe gaf het zijn definitieve vorm en
kende het de status van Goeroe toe.
|
|
Artikel XXIV - De Initiatie-ceremonie of Doop
a. Goddelijke doop dient te worden voltrokken op een
exclusieve plaats ver weg van gewoon menselijk verkeer.
b. Op de plek waar
Goddelijke doop toegedient gaat worden, dient de Goeroe
Granth Sahib te
worden geinstalleerd en ceremonieel te worden geopend. Ook
dienen er zes toegewijde gedoopte Sikhs aanwezig te zijn,
waarvan er een de Goeroe
Granth Sahib verzorgt
terwijl de andere vijf de Goddelijke doop toedienen. Deze
groep mag zelfs Sikhi vrouwen bevatten. Zij moeten allen een
bad hebben genomen en hun haren hebben gewassen.
c. Geen van de vijf geliefden die de Goddelijke doop
toedienen mag gehandicapt zijn zoals, blind, blind aan een
oog, lam, gehandicapt aan een been of arm of lijdend aan een
chronische ziekte. Ook iemand die inbreuk heeft gemaakt op
de Sikh discipline en principes kan geen deel van vijf
uitmaken. Zij dienen allen toegewijde gedoopte Sikhs te zijn
van onbesproken gedrag.
d.
Elke man of vrouw uit elk land, religie of kaste die het
Sikhisme omhelst en zich waarachtig verbind met haar
principes heeft het recht tot een Goddelijke doop.
De persoon die gedoopt wordt dient
niet te jong te zijn; hij of zij dient een geloofwaardige
mate van diskretie bereikt te hebben. De persoon die gedoopt
gaat worden moet een bad hebben genomen, zijn haren hebben
gewassen en alle vijf de K's dragen -
Kesh
(ongeknipt/ongeschoren haar),
Kirpan
(zwaard) aan een gordel,
Kachhehra
(voorgeschreven shorts),
Kanga
(Kam
gestoken in het opgebonden haar),
Karha
(stalen armband). Hij/zij mag niet blootshoofds zijn of een
pet dragen. Hij/zij mag geen sierraad dragen door een
piercing in enig deel van het lichaam. De persoon die
gedoopt gaat worden moet respectvol, met gevouwen handen,
met het gezicht naar de Goeroe Granth Sahib staan.
e. Iedereen die opnieuw gedoopt wil worden na het begaan van
een dwaling dient te
worden afgezonderd en de vijf geliefden
dienen, in aanwezigheid van de congregatie, hem/haar een
straf toe te kennen
f.
Een van de vijf geliefden, die de goddelijke doop toedienen
aan diegenen die gedoopt willen worden, dient de principes
van het Sikh geloof aan hun uit te leggen:
Het Sikh geloof bepleit de verzaking van het aanbidden van
elk (door mensen) gemaakt voorwerp, en het in liefdevolle
toewijding aanbidden van, en mediteren over, de Ene
Oppermachtige/Almachtige Schepper. Ter vervulling van zulke
toewijding en meditatie zijn; het zich bezinning over de
inhoud van
Gurbani
en het volgen van zijn leerstellingen, het bijdragen in de
diensten van de congregatie, het verlenen van diensten aan
de Panth, het verrichten van
liefdevolle inspanning (ten goede van anderen), het
liefhebben van Gods naam (liefdevolle bezinning op de
ervaring van het Goddelijke), het leven naar de regels van
een Sikh na de doop, etc. de voornaamste middelen.
Hij dient deze uitleg van de principes van het Sikh geloof
af te sluiten met de vraag: Zijn jullie (of ben jij) bereid
deze vrijwillig te accepteren?
g.
Bij een positief antwoord van de dopelingen, dient een van
de vijf
geliefden de Ardas op te
dragen ter
voorbereiding
van het doopsel en hukam (order)
te ontvangen. De vijf geliefden dienen dicht
naar
schaal
te
komen ter
bereiding van de amrit (Goddelijke nectar).
h.
De
schaal dient van zuiver staal te
zijn en moet op een zuivere stalen ring of op een andere
schone steun te worden geplaatst
i.
In
de
schaal
dient
schoon water
met suiker kristallen te worden gedaan en de vijf geliefden
dienen er omheen te gaan zitten in de bir houding [Het
zitten in de bir houding houdt in dat het lichaam rust op
het rechterbeen, de rechter kuit en voet naar binnen
gedraaid terwijl het linkerbeen vertikaal wordt gehouden met
de knie tegen de kin] en de hieronder genoemde teksten te
reciteren.
j.
De te reciteren teksten zijn: De Japji,
de Jaap, De tien Sawayyas (te beginnen bij
"sarawag
sud"),
De Bainti Chaupai (vanaf "hamri karo hath dai rachha" tot
"susht dokh te leho bachai"), de eerste vijf en de laatste
stanza van de Anand Sahib.
k.
Elk van de vijf geliefden die de teksten reciteren dienen de
rand
van de
schaal vast te houden met hun
linkerhand terwijl ze het water blijven roeren met een
dubbel snijdend zwaard in hun rechterhand. Ze dienen dit te
doen met opperste concentratie. De overige van de geliefden
houden de rand van de schaal met beide handen vast en
concentreren zich geheel op de goddelijke nectar.
l.
Na het afronden van het reciteren, dient een van de
geliefden de Ardas uit te voeren.
m.
Alleen die dopelingen die hebben deelgenomen aan de gehele
Goddelijke doopceremonie kunnen worden gedoopt. Iemand die
aanschuift terwijl de ceremonie gaande is kan niet worden
gedoopt.
n.
Na de Ardas (zie l. hierboven) en denkende aan onze Vader,
de tiende Meester, de drager van de aigrette, dient elke
dopeling te gaan zitten in bir positie, zijn/haar handen hol
te houden met de linkerhand onder hun rechterhand en vijf
maal het Goddelijke mengsel te drinken als
een van
de geliefden dit mengsel in hun holle handen schenkt onder
het uitroepen van: Zeg, Waheguru ji ka Khalsa, Waheguru ji
ki Fateh! (De Khalsa behoort tot de schitterende vernietiger
van duisternis, ook aan hem is de overwinning!) De persoon
die gedoopt wordt dient na het drinken van de Godendrank te
herhalen: Waheguru ji ka Khalsa, Waheguru ji ki Fateh. Dan
dienen vijf handenvol Goddelijk mengsel in de ogen van de
dopeling te worden gesprenkeld en nog vijf in zijn/haar
haren. Elke sprenkeling dient vergezelt te gaan met de
uitspraak van diegene die de doop toedient van "Waheguru ji
ka Khalsa, Waheguru ji ki Fateh" waarna de dopeling deze
spreuk herhaald. Wat er over is van het goddelijke mengsel
na het toedienen van de Goddelijke doop aan alle individuele
dopelingen dient door alle gedoopten (mannen en vrouwen)
samen, nippend, te worden opgedronken.
o.
Hierna zullen de vijf geliefden, samen in koor, de naam van
Waheguru communiceren aan allen die de Goddelijke doop
hebben ontvangen. Zij zullen de mul mantar
(basis-geloofsovertuiging,
kern-hymne) reciteren en deze
dient door allen hardop herhaald te worden:
ik aunkar satnam karta purakh nirbhau nirwair akal murat
ajuni saibhang gur prasad
p.
Hierna dient een van de vijf geliefden aan
de gedoopte de
discipline van de orde uit te leggen: Vandaag zijn jullie
herboren in het huishouden van de ware Goeroe, hiermee
eindigt voor jullie de cirkel van migratie en worden jullie
toegevoegd aan de Khalsa Panth (orde). Jullie spirituele
vader is nu Goeroe Gobind Singh en jullie spirituele moeder
is Mata Sahib Kaur. De plek waar jullie geboren zijn is
Kesgarh Sahib en jullie geboorteplaats is Anandpur Sahib.
Jullie,
als
kinderen van een vader,
zijn, onderling en ten aanzien van andere gedoopte Sikhs,
spirituele broers
en
zusters. Jullie zijn geworden de
pure Khalsa en hebben hiermee afstand gedaan van jullie
vroegere afkomst, beroepsmatige achtergrond, roeping
(beroep)
en
geloof; wat inhoud dat jullie
hebben opgegeven alle verbintenissen met jullie kaste,
afkomst, geboorte, land, (vorige)
geloof
etc. Jullie zullen niemand
aanbidden anders dan het Ene Tijdloze Wezen - geen god,
godin, incarnatie of profeet. Jullie zullen niet meer denken
aan iemand anders dan de tien Goeroes en aan niets anders
dan hun evangelie als
jullie verlosser.
Jullie worden verondersteld
Gurmukhi (Punjabi Alfabet) te kennen. (Als je het niet kent
dien je het te leren). En te reciteren, of te luisteren naar
het reciteren van, de hieronder genoemde op schrift gestelde
composities, waarvan de dagelijkse herhaling is verordend,
elke dag:
1. De Japji Sahib
2. De Jaap Sahib
3. De tien Swayyas (Quartrains), te beginnen bij
"sarawag sudh"
4. De Sodar Rahiras en de Sohila
Daarnaast dienen jullie te lezen, of te luisteren naar
recitatie, uit de Goeroe Granth
en altijd
bij
je te dragen de vijf K's: De Keshas (ongeknipt/ongeschoren
haar), De Kirpan (zwaard in schede) [De lengte van het te
dragen zwaard is niet voorgeschreven], de Kacchehra [De
Kachhehra (Boxer-achting kledingstuk) mag gemaakt zijn van
elke stof, maar de pijpen mogen niet tot over de schenen
vallen],
de Kanga (kam), de Karha (stalen armband) [de karha dient
gemaakt te zijn van puur staal].
De hieronder genoemde
inbreuken op het geloof (als taboe
aangemerkte praktijken) dienen vermeden te worden:
1. Het onteren van het haar.
2. Het eten van vlees van een dier dat op Moslim wijze is
geslacht.
3. Het samenwonen met een persoon anders dan je partner.
4. Het gebruik van tabak.
In het geval van het begaan
van een van deze inbreuken moet de zondaar worden herdoopt.
Als de inbreuk onbedoeld en onbewust is gepleegd, hoeft de
zondaar niet gestraft te worden. Jullie dienen niet om te
gaan met een Sikh die ongeknipt/ongeschoren haar had maar
het heeft afgeknipt of met een Sikh die rookt. Jullie moeten
te allen tijde bereid zijn de
Panth
en de gurduwaras (plaatsen
van aanbidding) te dienen. Jullie moeten een tiende van
jullie inkomsten besteden aan de Goeroe. In het kort dienen
jullie te leven naar de leer van de Goeroe in alles wat
jullie doen.
Jullie dienen volledig in overeenstemming te blijven met de
Khalsa orde overeenkomstig de principes van het Khalsa
geloof. Als jullie inbreuken plegen ten aanzien van de
Khalsa discipline, dienen jullie jezelf te
melden
bij de congregatie, vergeving te vragen en elke straf te
accepteren die jullie word opgelegd. Jullie dienen ook te
beloven om in de toekomst dergelijke fouten te zullen
vermijden.
q.
De volgende personen zullen vatbaar zijn voor straf gepaard
gaande met
automatische uitsluiting
1.
Eenieder die betrekkingen
of nauwe relaties onderhoud met elementen die vijandig staan
ten opzichte van de
Panth inclusief de
minas (onverlaten/bedriegers), de
masands
(personen,
vroeger verbonden met locale Sikh gemeenschappen als
vertegenwoordigers van de Goeroe maar sindsdien in
discrediet geraakt door
hun fouten en dwalingen),
volgers van Dhirmal
of Ram Rai, etc. gebruikers van tabak of moordenaars van
kleine meisjes.
2. Iemand die etensresten eet of drinkt van ongedoopte of
gevallen Sikhs
3. Iemand die zijn baard verft.
4. Iemand die zijn zoon of dochter uithuwelijkt voor een
beloning of prijs.
5. Gebruikers van verdovende middelen (hash, opium, sterke
drank, tabakswaar, cocaine, etc.)
6. Iemand die ceremonies of gebruiken, die in strijd zijn
met het pad van de Goeroe, organiseerd of bijwoont.
7. Iemand die verzaakt in het onderhouden van de Sikh
discipline.
r.
Na deze preek dient een van de vijf geliefden de Ardas uit
te voeren.
s.
Daarna dient de Sikh die de Goeroe Granth Sahib verzorgt
Hukam te ontvangen. Als er zich tussen de gedoopten personen
bevinden die nog niet eerder een naam, in overeenstemming
met de Sikh naamgevingsceremonie, hebben ontvangen dienen
deze afstand te doen van hun vroegere naam. Ze krijgen een
nieuwe naam die begint met de eerste letter van de ontvangen
Hukam.
t.
En ten slotte dienen
de karhah prashad te worden uitgedeeld. Alle nieuw gedoopte
Sikh mannen en vrouwen dient de karhah prashad samen te eten
uit de zelfde kom.
|
|
Artikel XXV - Methode voor het opleggen van straffen
a.
Elke Sikh die inbreuk heeft gepleegd tegen de naleving van
de Sikh discipline dient een nabijgelegen congregatie te
benaderen en zijn misstap op te biechten ten overstaan van
de congregatie.
b.
De congregatie dient dan, in het heilige bijzijn van de
Goeroe Granth Sahib, uit hun midden vijf geliefden te kiezen
die de fout van de boeteling overwegen en een voorstel doen
voor een straf (tuchtiging) voor zijn misstap.
c.
De congregatie dient
geen
onverzoenlijk standpunt in te
nemen ten aanzien van de vergeving. Noch dient de dader zijn
straf te betwisten. De opgelegde straf dient een of andere
vorm van dienstverlening te zijn, in het bijzonder
dienstverlening in de vorm van lichamelijke arbeid.
d.
Tenslotte dient de
Ardas te worden
opgedragen voor verbetering.
|
|
Artikel XXVI - Methode voor het nemen van Gurmatta (heilig
besluit)
a. De
Gurmatta
kan alleen
op een onderwerp betrekking hebben dat gevolgen heeft voor
de fundamentele principes van het Sikh geloof en de
instandhouding daarvan, zoals vragen die betrekking hebben
op het onderhoud of de status van de Goeroes of de Goeroe
Granth Sahib of de
onaantastbaarheid van de Goeroe
Granth Sahib, de Goddelijke
doop, de Sikh discipline en manier van leven, de indentiteit
en het structurele raamwerk van de
Panth.
Gewone kwesties van religieuze, opvoedkundige, sociale of
politieke aard kunnen worden afgehandeld met slechts een
Matta
[resolutie of
besluit].
b. Een
Gurmatta
[heilig besluit]
kan
alleen worden genomen door
een selecte vooraanstaande
Panthische groep of
een representatieve bijeenkomst van de Panth.
|
|
Artikel XXVII - Beroep aantekenen tegen lokale beslissingen
Bij de Akal Takht kan een beroep worden aangetekend tegen
beslissingen van lokale congregaties.
Bovenstaande is een bewerkte tekst uit het boek 'Sikh
Reht Maryada' gepubliceerd door het Dharam Parchar
Committee (Shiriomani Durdwara Parbhandak Committee,
Armritsar) in July 1997.
|
|
|
|
Hoofdstuk XII -
Onbaatzuchtig werk |
Bijlage A: Verklarende woordenlijst |
|
|
|
See Also : Wij
zijn geen symbolen
:
De Khalsa
:
De Kirpaan van de Sikhs
:
Warrom vieren Sikhs de Vaisakhi
|
|
|
|
|
|
|